home OGG Nieuws Geruchtdagen Nieuwsbrief OGG OGG in de media Inhoudelijk Wie, wat, waar, binnen OGG Links

oktober 2010





Geloven met lef


Erik van Halsema
in: Kerkblad voor Hilversum
jaargang 28, nr.19 (25 sept. 2010), pag.3



Het woord ‘lef’ komt van het hebreeuwse ‘lev’, hart. Als je iets met lef schrijft, dan doe je dat met je hart. Dat is precies wat de dertien predikanten hebben gedaan die samen enkele maanden terug de ‘Doornse Catechismus’ publiceerden.

Met de titel van hun boekje hebben ze wel wat uit te leggen. Bij veel mensen roept het woord catechismus herinneringen op aan een kaal lokaal, waar zondag zoveel van de Heidelbergse Catechismus overhoord werd. Het was schools, er was geen of weinig ruimte voor kritische vragen, het ging buiten de eigen beleving om.

De Heidelbergse Catechismus was een leerboek in vraag en antwoord, onderverdeeld in 52 zondagen, in 1563 gepubliceerd door twee jonge theologen die toen maar 24 en 26 jaar oud waren. De dertien predikanten die samen de ‘Doornse catechismus’ schreven zijn iets minder jong, maar wel allen jong van geest. Op een speelse manier gaan ze om met de grote vragen. Opvallend daarbij is dat ze meer citaten geven van dichters en schrijvers dan van theologen. Dat komt ook door de vorm die ze gekozen hebben: elke vraag wordt in twee rondes behandeld, eerst meer theologisch en beschouwend, en daarna meer spiritueel en persoonlijk. Hier vind je bijvoorbeeld teksten van Stef Bos, Achterberg en Lenny Kravitz, om een willekeurige greep te doen. De 52 vragen die behandeld worden weerspiegelen ons leefklimaat, bijvoorbeeld de vraag naar de waarheid van andere religies. Door de prikkelende stijl van schrijven vraag je je als lezer voortdurend af: ‘ja, dat staat er nu wel, maar wat vind ik er nu eigenlijk van?’ De ruimte voor die vraag wordt als vanzelfsprekend gegeven omdat geen van de schrijvers pretendeert de Waarheid in pacht te hebben. Het blijft zoeken en tasten.

Toch is de ‘Doornse Catechismus’ geen vrijblijvend postmodern pamflet, verre van dat. Er worden heel wat forse uitspraken gedaan. Wie alleen nog maar twijfelt aan God vindt hier een tijdeigen en heel persoonlijke vorm van geloofsverwoording waardoor een mens weer durft te gaan geloven. Maar wie het allemaal allang weet, merkt dat het misschien toch ook net iets anders gezegd kan worden. Een groep die deze catechismus gaat bespreken zou idealiter uit beide soorten lezers moeten bestaan. Dan zou het wel eens heel spannend kunnen worden!

Tot slot nog iets over de titel. Bij de predikantenvereniging ‘Op Goed Gerucht’ van waaruit dit boek is ontstaan, staan humor en ironie hoog aangeschreven. Er zit ongetwijfeld iets ironisch in de titel. Het is bedoeld om de nieuwsgierigheid te wekken. Toch zou ik de titel graag ook serieus willen nemen. Als deze 52 hoofdstukken waren gebundeld onder een titel als ‘Christelijk geloven anno 2010, een verantwoording’, dan was dat een brave titel geweest die de lading ook precies dekt. Maar het was niet meer geweest dan een publicatie van dertien toevallige theologen die het aardig vonden eens iets op papier te zetten. En daarmee was de kous dan af geweest. Maar ik wil de titel ‘Doornse Catechismus’ graag serieus nemen. Het woord ‘catechismus’ betekent wel degelijk een claim van: ‘Zo meen ik dat het zit. En proef of jij hiermee kunt leven en sterven’.

Misschien zal het jaar 2010 in de geschiedenis van de Protestantse Kerk van Nederland ingaan als een historisch jaar, namelijk het jaar waarop dertien jongere predikanten lieten zien dat enthousiaste theologie niet alleen uit de evangelische hoek hoeft te komen. Neem en lees. En laat je verstand en je hart raken!





Begin pagina

Startpagina Op Goed Gerucht